DW B, het literair-culturele tijdschrift Dietsche Warande & Belfort, is na De Gids het oudste literaire tijdschrift uit het Nederlandse taalgebied. Onder hoofdredactie van Hugo Bousset is DW inmiddels een laboratorium voor de kruisbestuiving van literatuur en andere kunstvormen, zowel op papier als digitaal en met een regelmatig aanbod van podiumactiviteiten. Door literatuur, beeldende kunst, fotografie, architectuur en andere kunsten met elkaar in contact te brengen hoopt het tijdschrift elk van die kunsten tot een voortdurende staat van vernieuwing en verwondering te brengen.

DW is bovendien een van de grootste literaire tijdschriften. In de redactie werken talenten als Arnoud van Adrichem, Charlotte van den Broeck, Elma van Haren, Koen Peeters, Yves Petry, Maud Vanhauwaert en Peter Vermeersch mee aan voortdurende kwaliteit, relevantie, revelatie en innovatie.

DW B 2019 3 | De Magmakamer
 
De afgelopen maanden verzamelde de Magmakamer gestaag haar vloeibaar gesteente!
Uit de 342 ingezonden teksten werd een selectie gemaakt. Vanwege het hoge aantal inzendingen is het voor ons onderbemande team van twee vulkanologen niet mogelijk om iedereen persoonlijk te beantwoorden. Heeft u geen mail ontvangen, dan betekent dit helaas dat de tekst niet geselecteerd is voor het redactietraject en de publicatie. Via deze weg willen we toch iedereen bedanken om in te sturen en om ons te laten meelezen.
 
Met hartelijke groet, 
Charlotte Van den Broeck en Jeroen Dera

BINNENKORT:

DW B 2019 1
HET FAILLIET
 
Het bedrijf waarvoor Arnoud van Adrichem werkte, werd in de verzengend hete zomer van 2018 failliet verklaard, na maandenlange pecuniaire ellende. Het Franse woord faillir betekent ‘mislukken’ of ‘falen’. Hij besloot curator te worden van een literaire focus over ‘het failliet’, omdat in een bankroet vrijwel het gehele scala aan menselijke emoties samenkomt. Het raakt aan het existentiële.
 
U leest creatieve teksten over al wat in het leven op de klippen kan lopen van MARC KREGTING, JAN LAUWEREYNS, ARNOUD VAN ADRICHEM & JAN BAETENS, LUCAS HÜSGEN, DANIËL ROVERS, NACHOEM M. WIJNBERG, HUUB BEURSKENS, ANNE VEGTER, PETER VAN LIER, ARJEN DUINKER, ASTRID LAMPE en ERWIN JANS.
 
ALFRED SCHAFFER presenteert en vertaalt het jonge talent uit Zuid-Afrika JOLYN PHILLIPS. MUSTAFA KÖR schrijft een gedicht als onderdeel van een kunstwerk van het Zweedse duo Goldin+Senneby.
 
Voorts is er poëzie van PETER HOLVOET-HANSSEN, een essay van RODERIK SIX en theater van FIKRY EL AZZOUZI.
 

NU ONLINE:

Knopen maken en knopen ontrafelen. Nele Janssens over Paul Demets' De klaverknoop

'Knooppunten, daar draait het om in de poëzie van Paul Demets. Voor hem zijn knooppunten de plaatsen (en gedichten) waar mensen, groepen en dingen samenkomen, waar betekenis wordt gegenereerd en vastgelegd. In zijn jongste bundel De klaverknoop (2018) verkent Demets de spanning tussen de zekerheid die knopen bieden (vaste betekenis, gekende waarden en normen) enerzijds, en de drang om aan die beperkingen te ontsnappen (de hang naar zelfbeschikking en zelfontwikkeling) anderzijds.'

-

Het moeras van de grauwzone. Schrijven over J.M.H. Berckmans

'Hoe het hoofd boven water houden in de Grauwzone? Die kwestie raakt Berckmans keer op keer aan, zonder een sluitend antwoord te kunnen vinden of formuleren. Die existentiële inzet vormt de kracht van een bijzonder oeuvre. Het leven haalt het schrijven in – of was het omgekeerd? Er zijn een biografie en een bloemlezing die die vraag duidelijk stellen. Elk op hun eigen manier.'

-

Introverten en extraverten worstelen zich door hun schooltijd heen. Anne van den Dool over Mijn moeder en haar zoon van Markus van der Graaff en Nederhalfrond van J.Z. Herrenberg

'Feit blijft echter dat deze romans zodanig verschillende doelen nastreven dat de ene roman boven de andere plaatsen onmogelijk is. Het enige wat vaststaat, is dat de romans twee weergaven vormen van jonge mensenjaren in literatuur, die elk hun eigen kant van de jeugdigheid belichten: de eenzame stilte en het ontworstelende kabaal.'

-

Een gedeeld verlangen naar gezamelijkheid. Liesbeth D'Hoker over David Van Reybrouck en Erik Vlaminck

'Afgelopen herfst verschenen twee uitgaven van auteurs die elk op verschillende wijze stelling innamen: Odes, een greep uit de gloedvolle stukken die David Van Reybrouck tussen 2015 en 2018 voor De Correspondent schreef en Dikke Freddy in het zilver, een verzameling columns in briefvorm van Erik Vlaminck uitgegeven naar aanleiding van het zilveren jubileum van zijn aan lagerwal geraakt personage Frederik De Meester, beter bekend als Dikke Freddy.'

Onzichtbare identiteiten. Barbara Fraipont over Jouw huid van Jeroen Theunissen veel gezichten

'Je sluipt dit openingstafereel nog maar binnen, of je vraagt ja al af wie die ‘je’ is, de ‘je’ door wiens blik je gaandeweg een man begint waar te nemen. Hij hoort daar ‘aan dit plein’ blijkbaar niet thuis. Het gaat over een man van veertig, denk je dan met de tweedepersoonsverteller. Nee, ‘niet veertig, zie je nu, eerder dertig. (…) Een man van vijfendertig’. Zoals vaker in het fictieve werk van de Vlaamse dichter en schrijver spelen ook in zijn nieuwste roman de communicatiestructuur en de aansprekingen een belangrijke rol.'

-

Hoe bak je een omelet zonder een ei te breken? Roel Smeets over de poëzie van Stefan Hertmans

'Waar moet een dichter anno 2018 over dichten? Misschien waar men al eeuwen over dicht: de natuur, de liefde, het juk van de tijd, de mogelijkheden en grenzen van taal. Wie zich waagt aan die eeuwige onderwerpen loopt het risico slechts een herhaling van zetten voort te brengen, variaties op steeds hetzelfde thema. Maar zo niet als de dichter in kwestie Stefan Hertmans heet. Zijn jongste bundeling gedichten Onder een koperen hemel (2018) is urgent net omdat hij klassiek is. Springlevende gedichten over thema’s zo oud als de mensheid.'

‘Alles moet geblust worden'. Liesbeth D'Hoker over Goede mannen van Arnon Grunberg

'Alsof hij moedwillig een open deur intrapt, zo gaat de meest recente vuistdikke roman Goede mannen van veelschrijver Arnon Grunberg van start. ‘De Pool deed wat hij zijn hele leven al wilde doen, hij was brandweerman. Eigenlijk heette hij Geniek Janowski, maar iedereen noemde hem de Pool en op een gegeven moment had hij die bijnaam geaccepteerd zoals je borstelige wenkbrauwen accepteert.’'

'Kom, maar hoop niet op een sprookje'. Nadia Sels over Annemarie Estors crime poem Niemandslandnacht 

'Een crime-poem. Dat staat er als ondertitel op de kaft van Annemarie Estors nieuwe bundel Niemandslandnacht. Bestaat dat genre überhaupt? Is het levensvatbaar? Dit boekje is – net zoals het hoofdpersonage zelf, zo zal blijken – het bloedmooie, dwarse resultaat van het doorbreken van wetten en categorieën.'

-

Comments