Leesfragment: Rebels - Ann Peuteman

Oude mensen zitten het liefst in hun luie stoel voor tv met een dekentje over hun knieën. Met dat beeld voor ogen bedenken we constant allerlei theorieën en projecten om hun leven zo comfortabel mogelijk te maken. Daarbij vergeten we keer op keer aan die ouderen zelf te vragen of dat wel echt is wat ze willen. In Rebels gaat Ann Peuteman in gesprek met rebellen op leeftijd. Elk op hun eigen manier verzetten ze zich tegen betutteling, doen ze er alles aan om gehoord te worden en vertikken ze het om oud te worden. Hier lees je het woord vooraf van Rebels. Het verzet van 75-plussers.

Rebels
Ann Peuteman

 

ISBN:9789464341041
Prijs: €22,50


Om te beginnen

Trees (87) was boos. Heel erg boos. Haar stem sloeg ervan over. Het was mei 2020, midden in de eerste lockdown. In het woonzorgcentrum waar Trees woonde, mochten de bewoners al bijna twee maanden geen bezoek meer ontvangen. Ze had ook haar vertrouwde kamer moeten verlaten om naar een geïmproviseerde quarantaineafdeling te verhuizen. Maar dát was niet waar ze zich zo over opwond. Die coronamaatregelen mochten dan heel vervelend zijn, ze had er op zich wel begrip voor. Veel erger vond ze de manier waarop over de bewoners van woonzorgcentra werd gepraat en bericht. ‘In het journaal en al die prietpraatprogramma’s gaat het nu al weken over ons’, fulmineerde ze aan de telefoon. ‘Iedereen is toch zo bezorgd dat we zullen doodgaan. Is het niet door het virus, dan wel van eenzaamheid. De hele tijd worden geleerde professoren en directeurs van woonzorgcentra geïnterviewd over wat wij voelen en willen. Ondertussen filmen ze hoe zorgkundigen mensen als ik helpen met skypen, een teststaaf in de neus schuiven of in een rolstoel door de gangen duwen. Maar zo’n telegeniek oud mens zelf eens vragen wat hij of zij ervan vindt, dat komt niet bij hen op. Hoogstens mag de bejaarde van dienst aan het eind van de reportage nog iets vertederends uitkramen. Alsof wij figuranten in ons eigen leven zijn.’
       Trees was bijlange niet de enige die er zo over dacht en haar verontwaardiging was ook niet nieuw. Al voor de pandemie ergerden ontzettend veel 75-plussers zich te pletter aan de manier waarop hun generatie keer op keer werd voorgesteld. Oude mensen zitten het liefst in hun luie stoel voor tv met een dekentje over hun knieën. Dagelijkse beslommeringen geven ze zoveel mogelijk uit handen en een uitgesproken mening hebben ze al lang niet meer. Laat hen maar lekker rusten. Met dat beeld voor ogen bedenken we constant allerlei theorieën en projecten om hun leven zo comfortabel mogelijk te maken. Daarbij vergeten we keer op keer aan die ouderen zelf te vragen of dat wel echt is wat ze willen.
       Nu is het natuurlijk zo dat je wereld inkrimpt naarmate je ouder en zorgbehoevender wordt. Eerst wordt de wereld een
cirkel rond de buurt waar je woont, daarna rond je huis en op den duur misschien wel rond je bed. Maar dat wil nog niet zeggen dat je dan nergens meer naar zou verlangen. Zelfs als je hele wereld alleen nog bestaat uit een cirkel rond je eigen gepijnigde lijf, kun je nog altijd dromen hebben. Hoe klein die soms ook zijn. Alleen staan we daar meestal niet bij stil, want we gaan ervan uit dat ouderen allemaal even kwetsbaar, uitgeput en aandoenlijk zijn. Net als op tv.

De woedende woorden van Trees waren dan ook het eerste waar ik aan dacht toen het Gentse cultuurhuis Victoria Deluxe me een halfjaar later voorstelde om een documentaire over ouderen te maken. Natuurlijk wilde ik dat doen, maar hoe kon ik ervoor zorgen dat Trees en haar medestanders zich er echt in zouden herkennen? Het antwoord lag voor de hand: door een film te maken mét in plaats van over ouderen. Door hun niet alleen de hoofdrollen te geven, maar álle rollen. Geen experten en zorgwerkers die haarfijn uitleggen welke problemen ouderen ervaren en hoe we die kunnen oplossen. Geen voice-over die toelicht wat ze voelen en denken. Dat kunnen ouderen zelf namelijk veel beter uitleggen. Het zou dus een documentaire worden waarin alleen mensen van boven de 75 het woord voeren en waarin ze ook nog eens in beeld worden gebracht zoals ze dat zélf willen.
       In april 2021 lanceerden we een oproep via sociale media, nieuwsbrieven van onder meer ouderenorganisaties en flyers die bij apotheken, bakkers en slagers werden gedeponeerd. ‘Voor een nieuw project zoeken we 75-plussers die zich ertegen
verzetten dat iedereen hun de hele tijd zegt wat ze moeten doen alleen maar omdat ze ouder worden, die zich ergeren aan de eenzijdige manier waarop ouderen in de media worden opgevoerd of er alles aan doen om zichzelf te kunnen blijven’, was de boodschap. Al na een paar dagen zaten er bijna driehonderd reacties in mijn mailbox, en ook daarna bleven die komen. Allemaal van ouderen die me hun verhaal wilden vertellen. Zo was er Viv (88), die in heftige kapitalen beschreef hoe ze in haar eigen huis werd gegijzeld door de wegenwerken voor haar deur. Gilbert (79) liet me weten dat het hem onmogelijk wordt gemaakt om nog te gaan stemmen doordat hij zich niet meer naar het kiesbureau kan verplaatsen. Laure (79) en Elsa (85) legden allebei in een lange brief uit hoe funest de doorgedreven digitalisering voor hun generatie is. Bericht na bericht werd me duidelijker wat me te doen stond.
       Er was maar één probleem: al die enthousiaste reacties kwamen van witte Belgen. Niet één 75-plusser met een migratieachtergrond had gereageerd. Omdat het nergens op zou slaan om een documentaire te maken over de ouderen van vandaag zonder mensen van kleur aan het woord te laten, moest ik dus op een andere manier rebellen op leeftijd met een migratieachtergrond zien te vinden. Via zelforganisaties, vrienden en kennissen kwam ik uiteindelijk in contact met Ali (82),
Fatma (82), Chaïma (78) en Mo (84). Een voor een ontzettend boeiende mensen met een bewogen levensverhaal waar je naar zou blijven luisteren. Maar geen rebellen. ‘Die zal je in mijn gemeenschap ook niet vinden’, dacht Ali. ‘Migranten van mijn generatie hebben geleerd om zich heel stil te houden en vooral niet te klagen. Vergeet niet dat wij er destijds van overtuigd
waren dat we hier een paar jaar hard zouden werken en daarna naar ons vaderland terug zouden keren. Ondertussen wilden we vooral geen problemen.’ Dat blijkt inderdaad voor veel 75-plussers met een migratieachtergrond te gelden. Maar niet voor allemaal. Daar kwam ik al snel achter toen ik eerst Mohamed en later ook Seda leerde kennen.
       Alle mensen die op de oproep hadden gereageerd, stuurde ik in eerste instantie een e-mail of brief met een paar vragen.
Hebt u het gevoel dat uw vrijheid of uw recht op zelfbeschikking wordt aangetast omdat u ouder wordt? Wat zouden we als samenleving moeten doen om ouderen toe te laten zichzelf te kunnen blijven en de touwtjes over hun eigen leven in handen te laten houden? Op basis daarvan selecteerde ik veertig mensen met wie ik, in alweer een nieuwe lockdown, lange telefoongesprekken voerde. Ongeveer de helft ging ik later nog opzoeken en uiteindelijk hield ik twaalf rebellen op leeftijd over. Allemaal mensen die totaal niet beantwoorden aan het clichébeeld van ouderen en zich daar vaak met hand en tand tegen verzetten. Maar verder hebben ze amper iets met elkaar gemeen. De ene getuige is hoogopgeleid, de ander is maar tot zijn veertiende naar school gegaan. Sommigen hebben amper ouderdomskwalen, anderen kunnen hun rolstoel niet meer uit. De meesten wonen nog thuis, maar er zijn er ook die in een woonzorgcentrum of een assistentieflat wonen.
       Allemaal verzetten ze zich met hun eigen wapens tegen de manier waarop de samenleving ouderen voorstelt, behandelt en soms ook negeert. Ik ben ervan overtuigd dat elke lezer zich wel in een van de getuigen zal herkennen. Ook u. Er zit vast wel iemand bij die op u lijkt of die z’n oude dag doorbrengt op een manier die u ook wel zou zinnen. Voor mij is dat in elk geval zo. Ik herken mezelf in de grote leergierigheid en strijdvaardigheid van Monika. Alleen heeft zij veel meer lef dan ik. Hetzelfde heb ik met Ghislaine. ‘Ik ben dan wel niet meer goed ter been, maar in mijn hoofd reis ik de wereld rond’, zegt zij. Ze klaagt niet over die fysieke mankementen of over het feit dat ze alleen leeft. Ze geniet er net van dat ze aan niemand meer verantwoording hoeft af te leggen. Zo zou ik ook wel oud willen worden.

Dat Rebels niet alleen een film maar ook een boek is geworden, komt door de getuigen zelf. Al bij de eerste lange gesprekken
die ik met hen voerde, werd me duidelijk dat er nog veel meer in hun levensverhalen zat dan een film alleen. Sommige passages uit hun rijke leven zouden onvermijdelijk sneuvelen in de montage – een documentaire kan nu eenmaal geen uren duren – en dat zou eeuwig zonde zijn. Dan denk ik bijvoorbeeld aan het relaas van Erik, die als douanebeambte een drievoudige
moordenaar klist, Nadia, die in Marokko een ziekenhuis gaat bouwen of Leo, die een viewmasterschijfje met beelden van de bedevaart naar Mekka laat maken. Straffe verhalen waar je op zich al een hele film over zou kunnen maken. Daarbij komt nog dat niet alleen de grote lijnen maar ook de details en zijsprongen van alle decennia die achter hen liggen voor een groot stuk verklaren waarom ze vandaag zo stevig en eigengereid in het leven staan.
       Het is natuurlijk niet omdat er uiteindelijk maar twaalf mensen werden geselecteerd dat al die andere reacties geen nut hebben gehad. Integendeel zelfs. Van alle e-mail- en briefschrijvers heb ik keurig genoteerd wat ze het moeilijkst vinden aan oud worden. Tegen welke hindernissen lopen ze aan? Hoe kunnen we hen helpen om te blijven wie ze altijd al zijn geweest? Zo ben ik tot een top drie gekomen, die er toch anders uitzag dan ik verwacht had. Om die thema’s echt te kunnen doorgronden, heb ik nog veel lange gesprekken met ouderen moeten voeren. Het resultaat leest u, bij wijze van intermezzo, tussen de levensverhalen door.

‘Op onze leeftijd kan het elk moment gedaan zijn.’ Zoals steeds wist Trees waarover ze sprak. Ze overleed in de zomer van 2021, nog voor ik met de interviews was begonnen. In dit boek vindt u dus geen getuigenis van haar en ook in de documentaire zult u haar niet zien, maar toch is ze er onmiskenbaar in aanwezig. Net zoals Eva Bal en Lutgart Simoens, twee andere vrouwen die me niet alleen dierbaar waren, maar me ook ontzettend veel hebben geleerd over ouder worden. Tussen de regels van dit boek leest u ook hun ideeën, inzichten en verzuchtingen.

Ann Peuteman
Gent, juli 2022


Meer leesfragmenten

Leesfragment: Rebels - Ann Peuteman

Oude mensen zitten het liefst in hun luie stoel voor tv met een dekentje over hun knieën. Met dat beeld voor ogen bedenken we constant allerlei theorieën en projecten om hun leven zo comfortabel mogelijk te maken. Daarbij vergeten we keer op keer aan die ouderen zelf te vragen of dat wel echt is wat ze willen. In Rebels gaat Ann Peuteman in gesprek met rebellen op leeftijd. Elk op hun eigen manier verzetten ze zich tegen betutteling, doen ze er alles aan om gehoord te worden en vertikken ze het om oud te worden. Hier lees je het woord vooraf van Rebels. Het verzet van 75-plussers.

Lees meer »

Leesfragment: Chronisch genezen - Dirk Nielandt

Alles in Dirk Nielandts leven liep op rolletjes tot multiple sclerose bij hem werd vastgesteld. De diagnose sloeg in als een bom. Het was het begin van een kronkelig pad met veel hobbels, verrassende wendingen en een onzeker einde. Een chronische ziekte betekent echter niet dat het leven stopt. Dirk is ervan overtuigd dat je met de juiste levensstijl (en wat lef en verbeelding) een auto-imuunziekte kan afremmen of voorkomen. Lees hier het woord vooraf van Chronisch genezen.

Lees meer »

«   »